Mijn naam?
Mijn naam?
Niet dat het er echt toe doet.
Het is Spencer
Zoon van William
Wetenschapper van vele ambachten
reiziger van vele landen
Een soort van zwerver
Met een affiniteit voor poezie en pils.
En van vleselijke dingen
een dromer
een sterren jager
Zowel aarde als vuur in de dierenriem.
een misplaatste antenne
een kenner van kussen
en chemie
En filosofie
hoewel ik niks claim als iets van mij
een vinger in elke taart
binnen mijn bereik.
een hand in vele
onwetende marionetten
ik discussier over Shakespeare
maar een bescheiden lezer
een ketter door vele rechten
Een demon in de ogen van de wet.
Inhoud, maar op een of andere manier zo leeg.
Er ontbreekt zo veel.
maar tevreden om de wereld te zien
draaien onder mijn voeten.
Een criticus van het meeste
Hard in mijn uitspraken
Maar voorzichtig in het uitbrengen.
Doelloos verloren tussen het statische en de geschiedenis boeken.
ploeteren in de eerste
maar altijd zoekende om stiekem naar de tweede te gaan.
heel ingewikkeld voor zo’n eenvoudige jongen
Of misschien een heel eenvoudig complex.
Ik loop met de stap van een man die zijn gedachten kent
maar ik schrijf met de blindheid van een diep verloren geest.
Mijn ziel, ik weet het, is oud
Misschien wel de oudste.
maar mijn naiviteit gaat nooit omhoog
Ik vraag me af, wat ik weet
Ik weet vaak niet wat ik vraag.
Ik luister naar antwoorden, maar verlies snel mijn aandacht
als ze niet bijzonder overtuigend zijn.
Ik ben misschien een verspilling van de mensheid
Ik heb al veel van mijn menselijk potentieel verspild.
Mijn angst voor de dood is zeer klein, maar het maakt zich
Overduidelijk, zo blijkt.
Ik weet niet wat ik kan verwachten na dit leven
Hoewel ik overtuigd ben, dat er iets is.
Ik heb gehoord, dat mijn ogen dieper zijn, dan de meeste
Hoewel ik de wereld zie als behoorlijk oppervlakkig
Ik ben tegelijkertijd haastig en lui
Mijn ambities zijn klein
Zo ben ik niet teleurgesteld als ik ze niet voldoe.
Ik weet niet zeker waar het leven heen gaat
En het maakt me ook niet uit
zolang als ik liefe kan geven
En iemand mij bemind
Zolang ik kan insperiren
en geinspireerd wordt
Zolang de zon door de lucht glijd
en de regen nog af en toe valt.
Ik ben er zeker van, dat wat mij aan het einde wacht
Zal komen
En als het einde daar is
zal ik niet weg rennen en proberen te ontkomen aan het onvermijdelijke
Ik zal mijn armen uiststrekken en blindelings
Mijn einde omarmen
Net zoals ik altijd alles heb omarmd wat
met de wind is gekomen.

Slideshow
Categories
Comments
Leave a Reply
You must be logged in to post a comment.